Steun ons en help Nederland vooruit

zaterdag 10 februari 2018

Integrale Veiligheidsvisie

Internationale veiligheid en defensie zijn thema’s die steeds meer op de voorgrond treden. Deze dienen goed doordacht te worden, om tot een gedegen sociaal-liberaal beleid te komen op deze onderwerpen. De Integrale Veiligheidsvisie is een eerste raamwerk hiervoor. Het bestuur van de de thema afdeling Internationale Veiligheid en Defensie schreef onderstaand artikel voor idee 4/2017 als voorzet. 

De aanschaf van militair materieel lijkt de politiek maar niet onder de knie te krijgen. De besluitvormingsprocessen van grote projecten zoals de vervanging van de F-16 worden gekarakteriseerd door weifelende fracties in de Tweede Kamer, vertraging en een gebrek aan overeenstemming wat het doel van een krijgsmacht überhaupt is. Een belangrijke overweging bij de keuze van materieel is economisch van aard: orders die (deels) door de Nederlandse defensie industrie gemaakt kunnen worden. Tevens is het zo laag mogelijk houden van de kosten een belangrijke overweging.

Ook de Tweede Kamerfractie van D66 wordt geconfronteerd met dergelijke besluitvormingsprocessen en de economische overwegingen die daarbij horen. Het uitgangspunt van D66 is beleid onderbouwd door visie, waarbij moeilijke keuzes niet door de waan van de dag worden gedreven maar door een gedegen strategie voor de lange termijn. Om hieraan recht te doen is de  Thema afdeling Internationale Veiligheid en Defensie (TA IVD) begonnen met het neerzetten van een integrale veiligheidsvisie (“ivv”). De doelstelling van dit artikel is om de basis van de integrale  veiligheidsvisie neer te zetten en het toepassen ervan te illustreren zodat het principe van de integrale veiligheidsvisie duidelijk wordt. Welke fundamentele elementen bevat deze visie? Hoe past dit binnen het sociaal liberale gedachtegoed? En hoe ziet de verdere ontwikkeling van de visie eruit?

Integrale Veiligheidsvisie

De integrale veiligheidsvisie is gebaseerd op drie, elkaar versterkende prioriteiten: [1] de essentiële nationale veiligheidsbelangen, [2] de Europese veiligheidsbelangen en [3] de mondiale veiligheidsbelangen (zie afbeelding). Hierbij is het van belang te realiseren dat de eerste prioriteit, de essentiële nationale veiligheidsbelangen, op basis van eigen capaciteiten moet kunnen worden verdedigd. Op zichzelf is dit niet nieuw en kan dit, met wat moeite,Drie prioriteiten in de Integrale Veiligheidsvisie ook deels worden teruggevonden in de Internationale Veiligheidsstrategie (IVS) die in 2013 door het ministerie van Buitenlandse Zaken(!) werd gedefinieerd. Echter, de IVS was veel meer een losse set van zes verschillende beleidselementen in plaats van een integrale visie daadwerkelijk bruikbaar voor defensie. Ondanks het bestaan van de IVS kon een vrijwel volledige uitholling van de capaciteiten en middelen van Defensie niet worden voorkomen. Dit is reden voor de TA IVD om deze IVS toekomstig niet meer als basis te gebruiken.

De integrale veiligheidsvisie is gebaseerd op twee pijlers die de visie, organisatie en uitvoering van ons veiligheidsbeleid aan elkaar koppelen: een meerjarige begroting en een nieuwe inrichting van de defensieorganisatie en integratie in de maatschappij (organisatorische slagkracht). Dit tweede gaat via het concept van de “Adaptieve Krijgsmacht”, dat in januari 2017 ook door de Tweede Kamer is omarmd. Beide pijlers zijn essentieel voor een gedegen planning en uitvoering en worden hieronder nader toegelicht.

Meerjarige Begroting. De discussie rond het idee van een meerjarige defensiebegroting is niet nieuw. Een dergelijke begroting wordt al toegepast in Zweden en Denemarken. Ook Nederland kent op het gebied van Ruimte en Transport een meerjarenbegroting (MIRT). In navolging hiervan kan voor alle langjarige programma’s die onder de essentiële nationale veiligheidsbelangen vallen, een meerjarige begroting worden opgesteld zodat de continuïteit van beleid kan worden gewaarborgd.

Organisatorische slagkracht. Het is van essentieel belang de organisatorische slagkracht van Defensie significant te verbeteren. Daarbij moet niet alleen worden gedacht aan de ~10% van de Defensie organisatie die in de specialistische (kinetische/gevechts) tak van Defensie opereert, maar vooral ook aan de 80–90% van de Defensie organisatie die ondersteunend zijn voor het werk van de kinetische tak. Denk hierbij aan logistiek, verzorging, ICT en onderhoudstaken. Hier legt de integrale veiligheidsvisie de prioriteit bij de samenwerking met andere instellingen, zowel privaat als publiek. Dit wordt bereikt door middel van doorstroming, het veel nauwer integreren en trainen van de nationale reserve en een gedegen samenwerking binnen de driehoek van staat, bedrijfsleven en onderzoeksinstellingen. D66 heeft dit in het verkiezingsprogramma ook benadrukt en schaart zich dan ook volledig achter het concept van de Adaptieve Krijgsmacht waarbij het om samenwerking op personeels- en materieelgebied gaat.

Partijvisie

Met de integrale veiligheidsvisie voorziet de TA IVD – met haar bijna 400 leden – D66 van een raamwerk. Dit raamwerk is de eerste stap in de betere positionering van D66 op het gebied van internationale veiligheid en defensie. Dit raamwerk wordt nu verder ingevuld. Deels wordt dit gedaan door elementen uit het huidige verkiezingsprogramma te nemen – deze passen bijna naadloos in de integrale veiligheidsvisie. Het is illustratief om hier een paar voorbeelden nader te analyseren: cyber en Europese integratie.

Cyber. In het Verkiezingsprogramma 2017 van D66 wordt één heldere, maar weinig concrete, keuze voor een militaire capaciteit gemaakt:

“Daar hoort allereerst de erkenning bij dat effectieve defensie nog altijd leunt op drie klassieke pijlers: landmacht, marine en luchtmacht. D66 voegt daar expliciet een nieuw aspect aan toe en dat  is digitale oorlogsvoering (cyber warfare).” D66 verkiezingsprogramma 2017

Het zal duidelijk zijn dat, gezien het belang van cyber, zowel voor defensie alsook de economie, hier geen “aspect” nodig is maar een visie die cyber als onderdeel van het geheel met zich mee draagt. De integrale veiligheidsvisie voorziet cyber als een separate pijler binnen defensie, waarbij deze tevens het voortouw kan nemen op het gebied van de organisatorische slagkracht: zowel de samenwerking binnen de driehoek, de integratie met de nationale reserve alsook de doorstroming zijn een absolute noodzaak om snel en effectief inhoud te geven aan de (continu groeiende) uitdagingen die defensie op het gebied van cyber heeft.

Europese integratie. D66 prioriteert in het Verkiezingsprogramma 2017 meer Europese verantwoordelijkheid. D66 is een partij met een uitgesproken Europese visie zonder daarbij de rol van de NAVO te vergeten:

“de veiligheidsgaranties die NAVO-leden aan elkaar bieden zijn en blijven het fundament onder onze veiligheid.” D66 verkiezingsprogramma 2017

Het combineren van de Europese integratie en de NAVO wordt binnen de politiek vaak opportunistisch beschouwd waarbij de economische voordelen (“samen is goedkoper”) meestal de leidraad zijn. Een gedegen visie en strategie zijn vereist om hier de juiste snelheid en de juiste keuzes te kunnen maken. Zonder deze visie en strategie kan de belofte in het D66 Verkiezingsprogramma – “een moderne, direct inzetbare defensie, in Nederland én Europa die binnen een geïntegreerde benadering in samenhang met diplomatie en ontwikkelingssamenwerking kan opereren” – niet worden waargemaakt. De visie en strategie staan aan de basis van de vastlegging naar welk niveau de Defensie-uitgaven moeten groeien. De huidige uitgeholde staat van onze Defensie is een schoolvoorbeeld van een visie- en strategieloze politiek zoals die over de afgelopen jaren is bedreven.

Urgentie

De inzet van de krijgsmacht is de afgelopen jaren (onder meer in Afghanistan, Irak en Mali) vrijwel uitsluitend gericht op het bevorderen van de internationale rechtsorde. Hiermee zijn de prioriteiten verschoven, van een focus op de verdediging van het eigen grondgebied, naar een focus ter bevordering van de internationale rechtsorde. Hierdoor zijn bijvoorbeeld de zwaardere mechanische capaciteiten (zoals bijvoorbeeld tanks en daarbij behorende transport) afgebouwd. Ook internationaal is dit het geval. De NAVO oefent sinds begin 2014, toen Moskou de Krim annexeerde, tijdens militaire oefeningen zogenaamde ‘artikel 5’ scenario’s. Hierbij wordt een aanval op een bondgenoot gesimuleerd, waarbij de NAVO deze bondgenoot te hulp schiet. Dit laat zien dat er een toegenomen aandacht is voor het verdedigen van het bondgenootschappelijk grondgebied. Tevens hebben recente cyberaanvallen geïllustreerd dat onze capaciteiten om het eigen “grondgebied” te verdedigen niet toereikend zijn. Daarbij eveneens de vaststelling dat niet-statelijke actoren (al dan niet gesteund door statelijke actoren) een geheel nieuwe dreigingsdimensie toevoegen aan deze ontwikkelingen. Bovenstaande toont aan dat het ‘gewoon’ opschalen van defensie verre van adequaat is: geld alleen is niet de oplossing.

Conclusie

D66 moet een volgende stap maken in zijn politieke positie op het gebied van de internationale veiligheid en defensie. De TA IVD legt de basis voor de stap met de integrale veiligheidsvisie waarbij de keuzes met betrekking tot de capaciteiten en de samenstelling van de krijgsmacht moeten zijn gebaseerd op een lange termijn analyse van de veiligheidssituatie en een daaraan gekoppelde strategie. Deze visie stelt D66 in staat een coherent buitenland- en veiligheidsbeleid te definiëren dat zowel in de Tweede Kamer alsook het Europese Parlement tot een duidelijke positie leidt en het mogelijk maakt om op lange termijn een gedegen beleid neer te zetten waarbij aangegane verplichtingen ook kunnen worden gehonoreerd. De huidige deplorabele staat van onze defensie kan niet alleen op de regering Rutte II worden verhaald, ook wij hebben hierin een nadrukkelijke verantwoordelijkheid.

Tekst: bestuur Thema afdeling Internationale Veiligheid en Defensie. 

Deze tekst verscheen eerder in het december nummer (4/2017) van idee, het periodiek van de Mr. Hans van Mierlo Stichting.